A2 · Basis

🍷 In het restaurant · En el restaurante

Leer bestellen, betalen en praten over eten in een restaurant. 20 woorden.

Lidwoord: blauw = mannelijk (el), roze = vrouwelijk (la), paars = beide (el/la).

SpaansVertalingVoorbeeldzin
el menú menu
El menú del día cuesta doce euros.Het dagmenu kost twaalf euro.
la carta menukaart
¿Nos trae la carta, por favor?Kunt u ons de menukaart brengen, alstublieft?
la cuenta rekening
¿Nos trae la cuenta, por favor?Mogen we de rekening, alstublieft?
la propina fooi
Dejamos una propina para el camarero.We lieten een fooi achter voor de ober.
el plato gerecht / bord
Este plato lleva mucho ajo.Dit gerecht bevat veel knoflook.
el postre dessert
De postre voy a pedir flan.Als dessert bestel ik flan.
el entrante voorgerecht
Compartimos un entrante de queso.We deelden een voorgerecht met kaas.
el cuchillo mes
Necesito un cuchillo para cortar la carne.Ik heb een mes nodig om het vlees te snijden.
el tenedor vork
El tenedor cayó al suelo.De vork viel op de grond.
la cuchara lepel
Uso una cuchara para la sopa.Ik gebruik een lepel voor de soep.
la servilleta servet
¿Me puede dar una servilleta, por favor?Mag ik een servet, alstublieft?
la ración portie
Pedimos una ración de patatas para compartir.We bestelden een portie friet om te delen.
pedir bestellen
¿Ya sabes qué vas a pedir?Weet je al wat je gaat bestellen?
invitar trakteren
Hoy te invito yo a cenar.Vandaag trakteer ik jou op het avondeten.
probar proeven
Quiero probar la paella típica de aquí.Ik wil de typische paella hier proeven.
recomendar aanbevelen
¿Qué plato nos recomienda?Welk gerecht beveelt u ons aan?
delicioso heerlijk
La sopa estaba deliciosa.De soep was heerlijk.
picante pittig
Este plato es demasiado picante para mí.Dit gerecht is te pittig voor mij.
salado zout
La sopa estaba un poco salada.De soep was een beetje zout.
incluido inbegrepen
El servicio no está incluido en el precio.De bediening is niet in de prijs inbegrepen.

🎯 Oefen deze 20 woorden mét lidwoord in de app 🃏 Flashcards van dit thema

Meer thema's op dit niveau

✈️ Reizen19 woorden
Los viajes
Woorden die je nodig hebt op het vliegveld, in het hotel en onderweg.
🛍️ Winkelen20 woorden
De compras
Woorden om te winkelen, prijzen te bespreken en te betalen.
🏥 Gezondheid18 woorden
La salud
Praat over ziekte, symptomen en een bezoek aan de dokter.
🚌 Vervoer19 woorden
El transporte
Woorden om je te verplaatsen in de stad en daarbuiten.
💼 Werk20 woorden
El trabajo
Woorden over kantoor, sollicitaties en het dagelijkse werk.
⚽ De sporten18 woorden
Los deportes
Leer woorden om over sport en beweging te praten.

← ReizenAlle thema'sWinkelen →

Wil je dit echt onder de knie krijgen?

Maak een gratis account: niveautest, leerpad op maat, oefeningen met directe feedback, uitspraak en een echte docente die meekijkt.

Gratis beginnen 📅 Boek een proefles bij Yohana op Preply