A1 · Beginner

Aanwijzende voornaamwoorden

Este, ese, aquel: hoe het Spaans drie afstanden onderscheidt, plus de neutrale vormen esto, eso, aquello.

Drie afstanden in plaats van twee

Het Nederlands kent maar twee aanwijzende woorden ('deze/dit' en 'die/dat'), maar het Spaans heeft er drie, afhankelijk van de afstand tot de spreker:

  • este = dichtbij de spreker ('this')
  • ese = dichtbij de toehoorder, of op gemiddelde afstand ('that')
  • aquel = ver van beiden, vaak buiten zicht ('that... over there')

Voorbeelden

Este libro (en mi mano) es muy bueno.Dit boek (in mijn hand) is erg goed.
Ese libro (cerca de ti) es de mi hermana.Dat boek (dicht bij jou) is van mijn zus.
Aquel edificio (allí lejos) es el ayuntamiento.Dat gebouw (daar ver weg) is het gemeentehuis.

Alle vormen op een rij

Elk aanwijzend voornaamwoord past zich aan naar geslacht en getal van het zelfstandig naamwoord dat erop volgt.

afstandmann. enk.vr. enk.mann. mv.vr. mv.
dichtbij (this)esteestaestosestas
gemiddeld (that)eseesaesosesas
ver (that, over there)aquelaquellaaquellosaquellas

Voorbeelden

Estas fotos son de mi viaje.Deze foto's zijn van mijn reis.
¿Te gustan esos zapatos?Vind je die schoenen mooi?
Aquellas montañas son los Pirineos.Die bergen daar zijn de Pyreneeën.

Bijvoeglijk naamwoord of voornaamwoord

Deze woorden kunnen zowel vóór een zelfstandig naamwoord staan (als bijvoeglijk naamwoord: este coche) als alleen staan (als voornaamwoord, ter vervanging van het zelfstandig naamwoord): Este es mi coche (Dit is mijn auto — 'este' vervangt hier 'este coche').

Vroeger schreef men in de voornaamwoord-functie een accent (éste), maar dat is tegenwoordig niet meer verplicht volgens de officiële spelling.

Voorbeelden

Este coche es rápido, pero ese es más barato.Deze auto is snel, maar die is goedkoper.
Me quedo con esta.Ik hou deze.

De neutrale vormen: esto, eso, aquello

Esto, eso, aquello zijn neutrale vormen (geen mannelijk of vrouwelijk, geen meervoud). Je gebruikt ze wanneer je verwijst naar iets onbekends, onbepaalds of een hele situatie/idee — nooit vóór een specifiek zelfstandig naamwoord.

¿Qué es esto? (Wat is dit? — je weet nog niet wat het voorwerp is). Eso no es justo (Dat is niet eerlijk — verwijst naar een situatie, geen ding).

Voorbeelden

¿Qué es esto?Wat is dit?
Eso no es verdad.Dat is niet waar.
Aquello fue hace mucho tiempo.Dat gebeurde lang geleden.

💡 Tips

💡
Denk aan een driehoek: este = bij mij, ese = bij jou, aquel = ver van ons allebei.
💡
De neutrale vormen (esto/eso/aquello) staan NOOIT vóór een zelfstandig naamwoord — gebruik dan este/ese/aquel(la).
💡
'Ese/esa' is in de praktijk het vaakst gebruikte woord voor 'dat' — 'aquel' klinkt wat formeler en benadrukt echt grote afstand.

🎯 Oefen dit onderwerp met 10 interactieve oefeningen (10)

Bijhorende grammatica

Bijvoeglijke naamwoorden en overeenstemming
Spaanse bijvoeglijke naamwoorden passen zich aan in geslacht en aantal, en staan meestal na het zelfstandig naamwoord.
Bezittelijke voornaamwoorden
Mi, tu, su, nuestro, vuestro, su — hoe je in het Spaans zegt van wie iets is.

← BasisvoorzetselsDe regelmatige preterito indefinido →

Wil je dit echt onder de knie krijgen?

Maak een gratis account: niveautest, leerpad op maat, oefeningen met directe feedback, uitspraak en een echte docente die meekijkt.

Gratis beginnen 📅 Boek een proefles bij Yohana op Preply