Betrekkelijke bijzinnen (oraciones de relativo)
Que, quien, el que, lo que, donde en cuyo — en wanneer je indicativo of subjuntivo gebruikt in een betrekkelijke bijzin.
Que: het meest gebruikte betrekkelijk voornaamwoord
Que verwijst zowel naar personen als naar dingen en is het meest gebruikte betrekkelijk voornaamwoord in het Spaans. Het kan onderwerp of lijdend voorwerp van de bijzin zijn.
Voorbeelden
Quien/quienes: alleen voor personen
Quien (enkelvoud) en quienes (meervoud) verwijzen uitsluitend naar personen. Ze worden meestal gebruikt na een voorzetsel of na een komma (niet-beperkende bijzin), niet als eenvoudig onderwerp van een gewone zin.
Voorbeelden
El que / la que / lo que: na voorzetsels en om nadruk te leggen
El que, la que, los que, las que stemmen overeen in geslacht en getal met het zelfstandig naamwoord waarnaar ze verwijzen en worden vaak na een voorzetsel gebruikt. Lo que is onzijdig en verwijst naar een hele gedachte of een onbepaald iets ('wat').
Voorbeelden
Donde en cuyo
Donde verwijst naar een plaats. Cuyo/cuya/cuyos/cuyas drukt bezit uit ('wiens/waarvan') en stemt overeen met het zelfstandig naamwoord dat erna komt — NIET met de bezitter.
| mannelijk | vrouwelijk | |
|---|---|---|
| enkelvoud | cuyo | cuya |
| meervoud | cuyos | cuyas |
Voorbeelden
Indicativo of subjuntivo in de betrekkelijke bijzin
Gebruik de indicativo als het antecedent (het woord waarnaar verwezen wordt) bestaat en bekend/specifiek is. Gebruik de subjuntivo als het antecedent onbekend, onzeker, onbepaald of onbestaand is (bv. na 'busco', 'necesito', 'no hay nadie que').
Voorbeelden
💡 Tips
🎯 Oefen dit onderwerp met 10 interactieve oefeningen (10)
Bijhorende grammatica
← De indirecte rede (estilo indirecto)Onpersoonlijk se en de pasiva refleja →
Wil je dit echt onder de knie krijgen?
Maak een gratis account: niveautest, leerpad op maat, oefeningen met directe feedback, uitspraak en een echte docente die meekijkt.