Werkwoorden met vaste voorzetsels (régimen preposicional)
Een overzicht van veelgebruikte Spaanse werkwoorden die altijd met hetzelfde voorzetsel gecombineerd worden.
Werkwoorden met 'de'
Sommige werkwoorden vereisen altijd het voorzetsel de voor het object, ook al zou je in het Nederlands of Engels geen voorzetsel verwachten.
- depender de (afhangen van)
- enamorarse de (verliefd worden op)
- acordarse de (zich herinneren)
- olvidarse de (vergeten)
Voorbeelden
Todo depende del tiempo que tengamos.Alles hangt af van de tijd die we hebben.
Se enamoró de ella a primera vista.Hij werd verliefd op haar op het eerste gezicht.
No me acuerdo de su nombre.Ik herinner me zijn naam niet.
Werkwoorden met 'en'
Andere werkwoorden nemen altijd en:
- pensar en (denken aan)
- consistir en (bestaan uit)
- insistir en (aandringen op)
- tardar en (er lang over doen om)
Voorbeelden
Siempre pienso en ti.Ik denk altijd aan jou.
El examen consiste en dos partes: escrita y oral.Het examen bestaat uit twee delen: schriftelijk en mondeling.
Insistió en pagar la cuenta.Hij drong erop aan om de rekening te betalen.
El tren tardó dos horas en llegar.De trein deed er twee uur over om aan te komen.
Werkwoorden met 'con'
Deze werkwoorden combineren met con:
- soñar con (dromen van)
- contar con (rekenen op)
Voorbeelden
Sueño con vivir en España algún día.Ik droom ervan om ooit in Spanje te wonen.
Puedes contar conmigo siempre que lo necesites.Je kunt altijd op mij rekenen als je het nodig hebt.
Werkwoorden met 'a'
Ten slotte een groep werkwoorden met a:
- dedicarse a (zich toeleggen op, werkzaam zijn als)
- acostumbrarse a (wennen aan)
- atreverse a (durven)
Voorbeelden
Mi hermana se dedica a la enseñanza.Mijn zus houdt zich bezig met lesgeven / werkt als leerkracht.
Nos costó acostumbrarnos al nuevo horario.Het kostte ons moeite om te wennen aan het nieuwe uurrooster.
No se atrevió a decirle la verdad.Hij durfde haar de waarheid niet te vertellen.
💡 Tips
💡
Leer werkwoord + voorzetsel altijd als één blok, net als woordenschat: 'soñar con', niet apart 'soñar' en 'con'.
💡
Het voorzetsel in het Spaans komt vaak niet overeen met dat in het Nederlands/Engels: 'pensar en' (denken aan, niet 'de') en 'depender de' (afhangen van, letterlijk 'de').
💡
Voor 'a' + 'el' geldt de samentrekking 'al'; voor 'de' + 'el' geldt 'del': depender del tiempo, pensar al futuro bestaat niet zo, maar let op deze samentrekkingen bij andere voorzetsels + 'el'.
🎯 Oefen dit onderwerp met 10 interactieve oefeningen (10)
← Ser en estar: gevorderd gebruikDe tijdscorrelatie (correlación de tiempos) met de subjunctief →
Wil je dit echt onder de knie krijgen?
Maak een gratis account: niveautest, leerpad op maat, oefeningen met directe feedback, uitspraak en een echte docente die meekijkt.