Complexe zinnen en onderschikking
Nominalisatie, relatiefzinnen met voorzetsel (con quien, en el que, cuyo), gerundiozinnen en absolute participiumzinnen.
Nominalisatie: van werkwoord/adjectief naar zelfstandig naamwoord
In formeel/geschreven Spaans worden handelingen en eigenschappen vaak uitgedrukt als zelfstandig naamwoord in plaats van een bijzin. Dit maakt de zin compacter en formeler.
- werkwoord → zelfstandig naamwoord: llegar → la llegada, decidir → la decisión
- adjectief → zelfstandig naamwoord: rápido → la rapidez, difícil → la dificultad
Voorbeelden
Relatiefzinnen met een voorzetsel
Als het betrekkelijk voornaamwoord na een voorzetsel komt, gebruik je el/la que, el/la cual of, voor personen, quien: con quien, en el que, del que, por el/la que.
Voorbeelden
Cuyo/cuya: het bezittelijk betrekkelijk voornaamwoord
Cuyo/cuya/cuyos/cuyas betekent 'wiens/waarvan' en stemt overeen met het zelfstandig naamwoord dat erop volgt (het bezit), niet met de bezitter. Het is een heel formeel/geschreven voornaamwoord, zelden gebruikt in spreektaal.
Voorbeelden
Gerundiozinnen
Gerundiozinnen vervangen een bijzin van gelijktijdigheid, manier of oorzaak, en geven een compactere, meer literaire stijl. Het onderwerp van de gerundio is meestal hetzelfde als dat van de hoofdzin.
Voorbeelden
Absolute participiumzinnen
Absolute participiumzinnen gebruiken een voltooid deelwoord dat overeenstemt met zijn eigen onderwerp (dat anders kan zijn dan het onderwerp van de hoofdzin) om een actie uit te drukken die vóór de hoofdactie voltooid werd. Dit is heel literair/formeel, typisch in nieuwsartikelen. Volgorde: participio + onderwerp.
Voorbeelden
💡 Tips
🎯 Oefen dit onderwerp met 10 interactieve oefeningen (10)
Bijhorende grammatica
← Geavanceerde werkwoordelijke perifrasenOnpersoonlijke en waarderende uitdrukkingen →
Wil je dit echt onder de knie krijgen?
Maak een gratis account: niveautest, leerpad op maat, oefeningen met directe feedback, uitspraak en een echte docente die meekijkt.